Prenzlauer Berg, Berlijn

De stad springt gastvrij voor mij open,
ligt onbeschaamd uitdagend aan mijn voet.
Ben met de hond uit, dat altijd en eeuwig…, maar het moet,
van stap voor stap, stoppen en dan weer opnieuw gaan lopen.

Trillende zomerhitte ligt over eindeloze daken,
van familievuurtjes kringelt rook omhoog
vanuit het koele park tot aan de hemelboog.
Het zijn de beelden die mij raken.

En het beeld van moeder Käthe met kinderen aan haar zijde,
Opnieuw gegoten, in eeuwige verbondenheid.
Dit park, op deze zondag, in al z’n verscheidenheid
was de drijfveer die mij naar hier leidde.

Het zal mijn hond een zorg zijn,
elk plekje, elk takje hier benee een groter avontuur.
Boven trekt een vliegtuig ijle strepen van glazuur,
strepen die verbinden met de berg, de Prenzlauer Berg in Berlijn.

Cees Sleven © juli 2019

Gelukkig aan zee

Gelukkig aan zee

Loop de zeekant met mij
en kus het zilt van mijn lippen.
Laat tijd en ruimte door de vingers glippen
Jaag de horizon, als een vogel zo vrij.

Trek sporen in het natte zand
die de zee weer doet verdwijnen
als levenszorgen, de jouwe en ook de mijne.
Vloedlijn, levenslijn, volgen wij hand in hand.

Was het de onrust die mij hierheen dreef,
waar strand en zee versmelten, daar waar de einder is?
Is het misschien de perfectie die ik mis
of juist een hoger doel waarnaar ik streef?

Intussen groeien wij samen één
onder witte zomerwolken uit het westen.
Geduldig in de tijd die ons zal resten
trekken ook wij naar dat smeltpunt heen.

Cees Sleven © 1998 (revision july 2019)

Lymebay

LYMEBAY

Photographer: Philip fenton LRPS [Aka Charlie Philips LRPS]

Goudgerande wolken brengen zomerbeloften naar mijn IJsselstad.
Hand in hand komen zij, niet langer de koppen bij elkaar gestoken.
De late zon neemt nadrukkelijk afscheid van vandaag, ver naar het westen heerst zij nog, is nog aanwezig in het topje van de populier hierachter. En in Amsterdam en ver daarachter…

Ik ga het licht achterna en kijk uit over het dorp Holcombe met een prachtig uitzicht over Lyme Bay. Hier zal de zon zich begraven, zich met de horizon versmelten.
In de rug weet ik mij de geheimzinnige rotsen van Dartmoor, waarlangs de avond omhoog kruipt naar een maanloze nacht.

Met tegenzin verlaat ik deze plek en tref mijzelf in mijn eigen ‘Postvak UIT’, de laatste halte voor post naar het Web. Ik weet niets te schrijven, probeer dan maar muziek te luisteren die stond voor zorgvuldig bewaarde geluksmomenten. Zoete herinneringen aan tijden die niet meer terugkomen, aan momenten van vlinders in je buik. Droombeelden in nevelen gehuld. Muziek luisteren is misschien nog wel een hoger goed dan muziek maken, al zou ik…

Opeens mis ik Hutan heel erg, wat zou er van hem geworden zijn? Ik heb heimwee naar het stof van de karavaansporen, naar de tinteling van de nieuwe morgen over Mount Kailas. Beelden die ik koester, die altijd zullen blijven glanzen…
Zou ik nog eens? In het echt? Zou ik het kunnen, je losmaken van huis en haard en alle conventies achterlaten?
Ongemerkt kijk ik naar de vrouw daar op de bank. Ik kan haar zo uittekenen, in die gebogen houding. Vijfenveertig jaar zit zij daar al, toonbeeld van trouw en van alles dat een man gelukkig kan maken. Voor ik de eerste oase bereikt zou hebben zou ik smachten van heimwee naar haar. Mount Kailas wordt dan weer de uitkijktoren in Egmond a/d Hoef waar wij ons verloofden, de Zijderoute weer de straat waarin wij wonen, met beide benen op de grond. Hier zijn wij neergezet, hier zijn wij gelukkig.
We gaan samen op reis, vanaf de Veluwezoom zullen wij naar het westen kijken. Ik neem haar mee naar de kust van South Devon. Samen kijken wij uit over Lyme Bay, terwijl achter ons de avond daalt over de rotsen van Dartmoor.
‘n Uilleann pipe begeleidt deze scene. En weer wordt er een kostbaar geluksmoment toegevoegd…

Cees Sleven © juli 2019